EN / NL

Wildonderzoek en planten bomen in Zuid-Nederland

Begin 2021 zijn we een onderzoek gestart naar de populatiegrootte van dassen en vossen in het zuiden van Nederland. Daarnaast zien we o.a. marters, wilde zwijnen en herten in grote getale voor onze wildcamera’s verschijnen. Bij de waarnemingen van dassen en vossen worden de exacte coördinaten bepaald en vastgelegd in een database. Aangezien we om de andere dag op pad gaan, krijg je ook een hele goede indruk wat de staat van de bossen is. Zo valt er bijvoorbeeld op dat er bepaalde gedeeltes van het bos volledig zijn overwoekerd door bramenstruiken, wat wijst op een teveel aan stikstof. Ook zie je dat bepaalde bosgedeeltes van elkaar zijn afgesneden door een drukke weg en dat een faunaduiker een oplossing zou kunnen zijn.

Weetjes: De eerste maand na de geboorte zijn de ogen van de vos blauw en daarna worden ze bruin. Een vos kan een snelheid halen van 60 kilometer. Ze kunnen 28 verschillende geluiden voortbrengen.

 

Om een mooie verscheidenheid aan diersoorten te kunnen behouden is het van belang dat hun leefgebied voldoende groot is. Zo niet, dan zal de concurrentie tussen dieren sterk opspelen en zullen er minder jongen geboren worden door een gebrek aan voedsel. Het gevolg is dat bepaalde populaties kleiner worden of zelfs verdwijnen. Na meerdere droge, hete zomers die ook in de bossen hun tol eisten, kan de aanplant van bomen de natuur een duw in de rug geven en ook de mens een handje helpen. De aanplant van bomen zou dan ook helpen een bestaande bosgebied divers en gezond te houden, waarbij binnen de uitbreiding een geheel nieuw ecosysteem ontstaat met een toename van dieren van klein tot groot (bijvoorbeeld insecten, egels, eekhoorns). Ook vogels, zoals de huismus waarvan de populatie de laatste jaren een dalende trend vertoont, zijn hierbij gebaat. En hoe groter het leefgebied, hoe kleiner de kans op mens-dier conflicten, denk maar aan vossen die kippen opeten of zwijnen die akkers vernielen.

Weetjes: De resultaten van een wetenschappelijke studie toont aan dat de aanwezigheid van groen stress vermindert, het welbevinden verhoogt en zelfs een herstellend effect kan teweegbrengen. Bomen gaan tevens erosie tegen met hun wortels, zorgen voor verkoeling en staan de mens bij in de strijd tegen klimaatopwarming door tijdens de fotosynthese koolstofdioxide (CO2) uit de lucht te onttrekken en zuurstof (O2) af te geven.

 

Ter voorbereiding op en tijdens ons onderzoek hebben we o.a. gesproken met ecologen, Bosgroep Zuid-Nederland, Natuur- en Milieufederatie, Staatsbosbeheer, stichting Das en Boom, IVN (Instituut Voor Natuureducatie en duurzaamheid), Milieufederatie, IKL (stichting Instandhouding Kleine Landschapselementen), diverse wildbeheereenheden, Faunabeheereenheid en lokale en provinciale overheden.